Omega 3 vetzuren en voorkomen van ziekten

noten en zaden

De laatste tijd verschijnen er veel berichten in het nieuws over omega 3 vetzuren, met name over het feit dat ze het risico op prostaatkanker zouden kunnen vergroten. Andere bronnen vermelden echter dat kankerpatiënten juist baat kunnen hebben bij visolie. Wat is nu waar? Is het verstandig om extra omega 3 vetzuren aan je voedingspatroon toe te voegen of kun je ze eigenlijk beter niet meer nemen?

Waarom omega 3 vetzuren essentieel zijn voor onze gezondheid

Omega-3 vetzuren zijn meervoudig onverzadigde vetzuren en zitten vooral in bepaalde zaden, noten, plantaardige oliën, vette vis en visolie. Ze zijn belangrijk voor onze gezondheid, want zonder deze vetzuren hebben we een verhoogd risico op allerlei ziekten en aandoeningen, waaronder hart- en vaatziekten, kanker en de Ziekte van Alzheimer.

Je kunt omega-3 vetzuren onderverdelen in ALA (alfa-linoleenzuur), EPA (eicosapentaeenzuur) en DHA (docosahexaeenzuur).

ALA is een essentieel vetzuur, wat betekent dat ons lichaam het zelf niet kan aanmaken en wij het dus alleen via onze voeding binnen kunnen krijgen. ALA komt uitsluitend voor in zaden en plantaardige oliën, en dan met name in lijnzaad, walnoten, koolzaadolie en hennep. Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat ALA erg belangrijk is voor onze gezondheid, want het:

  • Verlaagt het risico op hart- en vaatziekten (Kris-Etherton et al., 2002; Connor, 2000; Mozaffarian, 2005)
  • Vermindert angsten en stress en verlaagt het cortisolgehalte (Yehuda et al., 2005)
  • Remt de groei van tumoren af (Deshpande et al., 2013)
  • Vermindert de kans op depressie (Lucas et al., 2011)
  • Verlaagt de kans op epileptische aanvallen (Lauritzen et al., 2000)

De andere twee vetzuren EPA en DHA zijn vooral terug te vinden in vette vis zoals makreel, zalm, paling, haring, sardines en forel, alsmede in diverse soorten zeewier en borstvoeding.  Zowel EPA als DHA zijn niet-essentiële vetzuren omdat ons lichaam zelf EPA kan maken uit ALA en DHA uit EPA. Echter, het is niet duidelijk hoeveel ALA wordt omgezet in EPA en vervolgens DHA, en of dit voldoende is om het lichaam optimaal te kunnen laten functioneren. Daarnaast vindt de omzetting van ALA naar EPA en DHA minder goed plaats bij mensen die aan bepaalde ziekten en aandoeningen lijden, zoals bijvoorbeeld diabetes type 2. Om die reden is het altijd verstandig om ook regelmatig voeding te eten die EPA en DHA bevat.

Ondanks dat EPA en DHA als ‘niet essentieel’ worden beschouwd zijn ze zeer belangrijk voor onze gezondheid. Onderzoekers hebben aangetoond dat EPA:

  • Over krachtige ontstekingsremmende eigenschappen beschikt (o.a. Ruan et al., 2005)
  • De kans op depressie vermindert (Huan et al., 2004; Martins, 2009)
  • Beschermt tegen bepaalde leverfunctiestoornissen, necrose (afsterving van cellen) en leververvetting (El-Mowafy et al., 2011)
  • Hyperactiviteit bij kinderen vermindert (Sorgi et al., 2007)
  • De effectiviteit van chemotherapie verbetert (Hardman, 2004)
  • De symptomen verlicht bij mensen die lijden aan schizofrenie (Peet et al., 2001)

Ook DHA is zeer belangrijk voor de gezondheid, want het:

  • Remt de groei van tumoren af (Kato et al., 2002; Schonberg et al., 2006)
  • Verbetert de effectiviteit van chemotherapie (Shaikh et al., 2008)
  • Werkt ontstekingsremmend (Kelley et al., 2009)
  • Beschermt tegen de Ziekte van Alzheimer
  • Verbetert het geheugen (Yurko-Mauroa et al., 2010)
  • Verhoogt de spermakwaliteit en vruchtbaarheid bij mannen (Attaman et al., 2012)
  • Reduceert de kans op depressie bij mensen die lijden aan de Ziekte van Parkinson (Seidi & Potashkin, 2011)
  • Versnelt het herstel en beperkt de hersenschade bij mensen die een hersenbloeding hebben gehad (Blanchard, 2011)
  • Verhoogt het DH- gehalte in borstvoeding  en verbetert het concentratievermogen bij zogende vrouwen (Vincent, 2005)
  • Kan helpen tegen ADHD (Grassman et al., 2013)
  • Helpt mogelijk ter behandeling van psoriasis (Johansen et al., 2012)

Omega 3 vetzuren en prostaatkanker

Als je alle voordelen zo bekijkt zou je denken dat je er alleen maar goed aandoet als je voedingspatroon voldoende omega 3 vetzuren bevat. Toch zijn deze omega zuren de laatste tijd ook een aantal keer negatief in het nieuws geweest. Zo zou het niet voldoende bewezen zijn dat het nemen van extra omega 3 vetzuren beschermt tegen hart- en vaatziekten, en sommige onderzoekers kwamen zelfs tot de conclusie dat omega 3 vetzuren het risico op prostaatkanker verhogen. Vooral dat laatste is natuurlijk even schrikken, daarom is het goed om even dieper op deze onderzoeken in te gaan.

Sinds de ontdekking dat omega 3 vetzuren het risico op prostaatkanker zouden kunnen verhogen is er veel onderzoek gedaan naar de effecten van omega 3 supplementen. Het blijkt echter dat de proefpersonen in de betreffende onderzoeken naar de relatie tussen omega 3 vetzuren en prostaatkanker (Ramon et al., 2000; Brouwer et al., 2004) geen omega 3 supplementen namen, de onderzoekers maten alleen het omega 3 gehalte in het bloed en trokken aan de hand daarvan conclusies. De onderzoekers hielden dus geen rekening met het voedingspatroon en de leefstijl van de proefpersonen… mensen die veel transvetten aten werden op één hoop gegooid met mensen die gezond en gevarieerd aten! Al gauw hadden steeds meer wetenschappers kritiek op de onderzoeksresultaten en zij zeiden dat er een conclusie was getrokken terwijl er geen sprake was van een causaal verband (“consumptie van omega 3 vetzuren verhoogt het risico op prostaatkanker”), slechts een correlatie (“er is een verband tussen mensen met een hoog gehalte aan omega 3 vetzuren in het bloed en prostaatkanker”).

Er werd vervolgens opnieuw onderzoek gedaan naar de relatie tussen omega 3 vetzuren en  prostaatkanker, en na het doen van grootschalig onderzoek kwam men al snel tot de conclusie dat er helemaal geen verband bestaat tussen de totale consumptie van omega 3 vetzuren en prostaatkanker (Koralek et al., 2006). Deze conclusie werd vervolgens nog een keer bevestigd na een meta-analyse, waaruit naar voren kwam dat het verhoogd risico op prostaatkanker bij inname van omega 3 supplementen nagenoeg minimaal is (Simon et al., 2009). Bovendien hebben onderzoekers ontdekt bij laboratoriumproeven dat ALA in omega 3 vetzuren de groei van tumorcellen afremt (Deshpande et al., 2013), wat het verhoogde risico op prostaatkanker lijkt te weerspreken.

Wel of geen extra omega 3 vetzuren nemen?

Nu onderzoekers hebben aangetoond dat het verhoogde risico op prostaatkanker bij inname van extra omega 3 supplementen minimaal is lijken alle voordelen ruimschoots af te wegen tegen de nadelen, maar toch kun je twijfelen en besluiten om maar beter geen omega 3 vetzuren meer te nemen, minimaal is immers niet nihil. De keuze of het wel of niet goed is om omega 3 vetzuren te nemen zul je daarom zelf moeten maken. Wat ik persoonlijk doe is dat ik elke dag naast chiazaden, spirulina en chlorella (drie belangrijke omega 3 bronnen die rijk zijn aan ALA) ook zo’n 6 gram krillolie neem, een omega 3 bron die rijk is aan EPA en DHA. Vooral de talloze onderzoeken die laten zien hoe gezond omega 3 vetzuren zijn overtuigen mij het meest, en als ik dan ook nog eens lees dat de kans op hart- en vaatziekten, astma, psoriasis en artritis bij Eskimo’s veel lager is omdat ze veel vette vis eten (Horrobin, 1987), dan bewijst het voor mij alleen maar weer opnieuw dat omega 3 vetzuren absoluut essentieel zijn voor wie gezond oud wil worden!

Bron

Verschil visolie en krilolie